Een Europese identiteit middels vijandigheid

Facebooktwitter

 

Een onderzoek naar oriëntalisme in het Russische Rijk van Peter de Grote, aan de vooravond van de achttiende eeuw

 

Slechts weinig landen mogen zich met recht een grootmacht noemen in onze huidige tijd. Daarbij zijn er zelfs nog minder landen die zich door de geschiedenis heen als grootmacht hebben kunnen bestempelen en dit ook gebleven zijn. Een van de meest prominente landen die deze titel vandaag de dag mag hanteren, is natuurlijk  Rusland. Het is echter niet altijd het geval geweest dat het enorme land deze status had, laat staan dat het zo’n groot territorium wist te beslaan.

Wat dat betreft, begint de geschiedenis van Rusland zoals zoveel grote landen ooit begonnen zijn, namelijk als een klein gebied onder leiding van een dynastie. Belangrijke gebeurtenissen in de ontwikkeling van dit gebied zijn onder andere de stichting van het Tsaardom in 1547 geweest en het aan de macht komen van de Romanovs in 1613. De belangrijkste stap richting erkenning van het land als supermacht kwam echter tijdens de periode van tsaar Peter I, ofwel Peter de Grote.

Gedurende het bewind van Peter de Grote onderging Rusland een grote transformatie. Deze jonge tsaar had duidelijk het plan om de Russische identiteit naar Europees model te schapen, en dit wilde hij niet enkel op militair en diplomatiek vlak doen, maar ook qua gedachtegang.[1] Er werd nadrukkelijk contact gezocht met de Europese cultuur, wetenschap en dergelijke, ter vervanging van de Orthodoxe levensstijl die op dat moment duidelijk aan de basis van de Russische beschaving lag.[2]

Daarnaast begon Peter aan een enorme expansiedrift, zowel op het westen gericht als op het zuiden. Met name die zuidelijke expansie zou Rusland in contact brengen met haar ‘grootste en meest beruchte tegenstander’ ooit, namelijk het Ottomaanse Rijk.[3]Dit Rijk werd rond 1600 zelfs belangrijker geacht dan het toenmalige Tsaardom Rusland,[4]een gedachte die wij ons lastig kunnen voorstellen vandaag de dag, daar Rusland een van de machtigste spelers op het veld is.

Wat opvallend is, is dat er onder het heerschappij van Peter de Grote zowel aangestuurd wordt op het vormen van een Europese identiteit, als op het veroveren van land van de Ottomanen. Sterker nog, deze periode zou uiteindelijk accumuleren in de stichting van het Russische Rijk in 1721. Vanaf dat moment kon Rusland zich met recht een erkende grootmacht noemen.

In hoeverre is deze vorming van een nieuw imperium echter aangedreven door de Ottomanen als vijand? In de periode waarin Peter de Grote begon met het strijden tegen de Ottomanen, vond ook de Grote Noordse Oorlog plaats. Tijdens dit conflict vochten met name Rusland en Zweden om controle over de Baltische gebieden, ofwel twee Europese naties die met elkaar streden. Dit roept natuurlijk de vraag op in hoeverre de expansie onder Peter de Grote gedreven was door de Ottomanen als ‘de vijand.’

Was er sprake van een bewuste anti-Ottomaanse identiteit, of niet? Op welke fronten vocht Peter de Grote een strijd en wat was de inzet? Is er sprake van doelbewust onderscheid qua identiteit tussen de Russen en de Ottomanen, of ligt de situatie wat meer genuanceerd? Kunnen wij wel of niet concluderen dat de Russische identiteit mede gevormd is door het idee van een vijand, van een ander die zó ver af staat van het idee van de Rus, dat de Rus zelf er door gevormd wordt?

 

Het strijdtoneel

 De ligging van Rusland heeft een grote rol gespeeld in het bepalen van de geopolitiek van het opkomende Rijk onder de leiding van Peter de Grote (1682-1725). Het kerngebied rondom Moskou lag dusdanig, dat het gebied zich in maar liefst drie richtingen kon uitbreiden. Men kon richting het westen gaan, het zuiden én het oosten. Afhankelijk van de richting waren er enkele andere machten aanwezig, waar onherroepelijk de confrontatie mee moest worden aangegaan.

[5]

Oorlog kan dan ook een uitstekende katalysator zijn voor het bewerkstelligen van politieke én sociale veranderingen. Daarom is er de noodzaak om te kijken naar de oorlogen die Rusland in deze periode uitvoerde, om erachter te komen wat deze eventueel voor gevolgen hebben gehad, voor het vormen van de Russische imperiale identiteit.[6] Voor het gemak van dit essay richten wij ons enkel op het westelijke en zuidelijke front, daar het deze twee fronten zijn die essentieel zijn voor ons thema.

In het westen lag Oost-Europa en bevonden zich tevens de Baltische staten.. De grootste rivalen hier waren de Zweden en Polen. Deze drie landen tezamen vochten om dit belangrijke gebied, wegens de grote voorraad aan grondstoffen,  de bevolking én om de macht te krijgen over enkele vitale handelsroutes.[7] Het is met name Zweden waar Rusland het later tijdens de Grote Noordse Oorlog nog veel mee aan de stok gaat krijgen en het conflict tussen deze twee landen zal draaien om het verkrijgen van suprematie over de Baltische staten.[8] Polen is echter al veel langer een rivaal van Rusland, zelfs voordat Peter de Grote op de troon komt. Onder leiding van Sigismund II (1548-1572) strijden de twee landen om het territorium van de door de Reformatie verwoeste Teutoonse Orde.[9]Sterker nog, het is Polen geweest onder Sigismund III (1587-1632) dat bijna de Russische troon opslokte, ware het niet dat de Russen uiteindelijk weigerden om een katholiek op de troon te hebben.[10]

De situatie wordt later iets gecompliceerder onder tsaar Alexei (1645-1676), die uitvoerig de westelijke tactiek uitdacht; vechten om de Baltische staten met Zweden en een unie tussen de Poolse en Russische troon.[11] Dat allianties echter op miraculeuze wijze gevormd kunnen worden, toont de samenwerking tussen Rusland en Zweden wel aan, eind zeventiende eeuw. Je zou je kunnen afvragen hoe dit in hemelsnaam mogelijk is, gezien de vijandigheid tussen Zweden en Rusland. Polen had echter ook ambities in de Baltische staten en zeer waarschijnlijk verkoos Zweden Rusland boven Polen, gezien de destijds relatieve zwakte van de opkomende Russische staat. Polen moest zo tegen de expansiedrift van Rusland én de Ottomanen vechten.[12]

In het zuiden van het Russische gebied bevonden zich de Ottomanen. Met name de Zwarte Zee vormde het strijdtoneel tussen deze twee machten; het had wel iets weg van de schaar van een krab, waarbij de Russen de ene helft en de Ottomanen de andere helft in bezit hadden.[13] Het belang van dit territorium was voor de Ottomanen van levensbelang. Het was een zeer strategische zone, omdat hun initiële expansie ten westen van Anatolië was gericht. Er was dus een grote behoefte aan een grote bufferzone ten noorden van hun thuisgebied, om te voorkomen dat de Russen met gemak daar konden doorbreken, terwijl de troepen in de Balkan en Oost-Europa zaten.[14]

De Zwarte Zee was dusdanig van belang voor de Ottomanen, dat het ook wel het ‘Ottomaanse Meer’ werd genoemd. Aanvankelijk waren er echter geen confrontaties tussen de Russen en de Ottomanen, maar werden er schermutselingen uitgevochten tussen hun bondgenoten die op de grens van beide rijken leefden.[15] Belangrijke bondgenoot van de Ottomanen was het Kanaat van de Krim, een nomadisch steppevolk dat zich had bekeerd tot de islam en een buffer kon vormen tegen de Russen, tezamen met de immer gevreesde Tartaren.[16] De Russen hadden onderwijl ook een bondgenoot in deze regio, namelijk de Kozakken. Dit waren zogenaamde ‘vrije mannen’ die op de frontier leefden van het rijk en hun eigen tactiek hadden om te vechten tegen de Ottomanen en hun bondgenoten.[17]

Met name de plaats Azov was een belangrijk strijdtoneel in het zuiden. Het was namelijk een van de sleutelposities van de verdedigingslinie van de Ottomanen, die toegang gaf tot de zee van Azov. Deze zee maakte het mogelijk voor de Russen om er een vloot te bouwen, wat een bedreiging vormde voor de Ottomaanse stelling te Kerch, een stelling die de toegang tot de Zwarte Zee bewaakte. Indien het de Russen dus zou lukken om Azov te veroveren, dan hadden ze al een belangrijke stap gezet richting het verkrijgen van toegang tot de Zwarte Zee.[18]

Er worden echter ook vraagtekens gezet bij deze gangbare visie. Er wordt dikwijls beweerd dat Azov dus het einddoel was van Peter de Grote, maar eigenlijk is Azov op zichzelf een vrij onbelangrijke plek, niet in de minste plaats omdat het slechts een klein portaal opent naar de Zee van Azov. Wat dat betreft was de vesting te Kerch vele malen belangrijker voor de Ottomanen[19] Daarnaast is er ook nog eens een heleboel giswerk gaande over Azov, daar er vrij weinig bronnen te vinden zijn die ons kunnen uitleggen waarom Peter de Grote nu precies deze plek aanviel.[20] Wat zeer waarschijnlijk is en vaker aangehaald wordt als reden, is dat de aanval tot stand is gekomen door een combinatie van de persoonlijke ambities van de jonge tsaar (een voorliefde voor schepen en het verwerven van status als heerser van een groot rijk) én de overlevering van Moskoviet in de vorm van een anti-Ottomaanse alliantie. In dit geval gaat het om de Heilige Liga van 1683, bestaande uit het Heilige Roomse Rijk, Polen, Venetië en Rusland.[21]

 

Overeenkomsten en verschillen; divergentie en convergentie

In deze doorslaggevende periode zien wij dus dat Rusland op twee fronten vecht en dat we kunnen spreken van drie grote vijanden op dit moment, te weten Polen, Zweden en het Ottomaanse Rijk. Nu gaan we wat dieper in op het belang van deze strijdtonelen; over de redenen waarom Rusland nu juist de confrontatie op zoekt met deze gebieden. Zeker het Ottomaanse Rijk krijgt de nodige uitleg, daar we moeten kijken waarom deze twee landen als vijanden tegenover elkaar zijn te komen staan. Ook kijk ik naar specifieke gevallen waarin er een tegenstelling lijkt te ontstaan tussen de Russische identiteit en die van de Ottomanen. Onder andere op militair en religieus vlak zal ik hier naar gaan kijken.

Een zeer contradictoire opvatting lijkt te zijn dat de Russische expansie naar het westen toe, in feite het hele idee van een imperium, juist veroorzaakt is dankzij deze Europese vijanden.[22] Toch is het nu juist deze hostiliteit die een aantal belangrijke dingen wist te bewerkstelligen in het Rusland van Peter de Grote. In de oorlogen die hij voerde tegen Polen en Zweden liet het Russische leger het vaak afweten. In deze periode was het leger naar Europese standaarden achterhaald en zwak. Het was met name dankzij een reeks verliezen dus dat Peter zich genoodzaakt zag en daarbij in zijn gelijk overtuigd, dat er snel een reeks militaire hervormingen diende plaats te vinden.[23]

Wat al snel naar voren komt, is dat de relatie tussen de Ottomanen en de Russen nog niet zo eenvoudig is, als doet vermoeden. Zelfs de alliantie met de Heilige Liga stond nog niet garant voor een complete hostiele houding. Aanvankelijk lijken de twee rijken zelfs meer op elkaar dan dat ze verschillen en zouden we wellicht eerder kunnen zeggen dat de Russen opkijken tegen de Ottomanen. Zo hadden de Ottomanen in de zestiende eeuw nog een enorme voorsprong op de Russen, zeker wanneer het op militair gebied aankwam.[24] De militaire superioriteit droeg echter al snel bij aan het creëren van een bepaald beeld van de verschrikkelijke, oorlogszuchtige Turk. Militair gezien was Rusland op dat moment nog te zwak.[25]

Wat vijandigheid tegenover de westelijke machten betreft, kan dit komen doordat Rusland zelf ook als een ander werd gezien door deze mogendheden. Rusland was namelijk hét equivalent van het Ottomaanse Rijk, die andere grote macht in het oosten en hoewel het westen veel meer opkeek tegen de Ottomanen, zeker na de enorme veroveringen in de zestiende eeuw, werden zowel de Russen als de Ottomanen als ‘barbaarse’ volkeren gezien. Wat dat betreft deelden beide rijken dezelfde identiteit, maar dan in de ogen van het westen.[26] Rusland was in dat opzicht zelf dus een Oriënt voor het westen. Tegelijkertijd was Rusland zelf ook bezig met hun eigen Oriënt en dit was het Ottomaanse Rijk dan weer.[27] Met name op militair gebied zou het Ottomaanse Rijk altijd de ander blijven in de ogen van de Russen.[28]

Ook hielden de Russen bewust vast aan de erfenis van het Byzantijnse Rijk en met name als erfgenaam van het Orthodoxe christendom. Dit zorgde voor een collectief gevoel van hostiliteit tegenover het Ottomaanse zuiden, niet in de minste plaats door de val van Constantinopel in 1453.[29]Lange tijd zorgde dit voor spanningen met het katholieke westen, maar Peter de Grote zocht bewust toenadering, door zichzelf te presenteren als een Russorum Imperator; een Russische keizer. De keuze voor het Latijn is belangrijker dan men aanvankelijk zou denken, gezien dit specifiek een verwijzing is naar het eerste Rome en niet het tweede (oftewel Constantinopel)![30] Tevens liet hij de jaartelling aanpassen naar westers model en liet hij mannen én vrouwen zich kleden, zoals ze dat in het westen deden.[31]

Hoe zat het eigenlijk met de houding tegenover moslims? Zij en andere niet-Orthodoxe geloven konden hun geloof blijven belijden, mits ze maar loyaal waren aan de Tsaar, hun belastingen betaalden en soldaten leverden.[32] Tevens was er een grote islamitische militaire elite aanwezig (mirzas), waarvan een aantal leden ook in de Russische adel (dvorianstvo) belandden.[33] Je ziet dus ook dat er sprake van assimilatie is in deze samenleving. Aan de andere kant werden moslims wel degelijk met argwaan bekeken en bekering tot de Orthodoxie werd actief aangemoedigd door de regering. Onder andere belastingverlaging van een aantal jaren werd aangeboden, indien moslims bekeerden en sommigen maakten hier gebruik van.[34] Geen gewelddadige bekeringen dus, maar desalniettemin een bepaalde vorm van religieuze intolerantie. Hieruit blijkt wel dat er toch een voorkeur is voor de christelijke identiteit, wat nog niet wil zeggen dat de Russen zich daar automatisch mee aansluiten met het westen, daar het geschil tussen katholieken en orthodoxen ook een grote rol speelde.

 

 

Karlowitz en Constantinopel: de verdragen en de gevolgen

Na de verovering van Azov en de vele slagen tegen de Heilige Liga, wordt in 1699 te Karlowitz een vredesverdrag ondertekend. Met Rusland wordt echter nog een tijdje onderhandeld, waarna in 1700 een soortgelijk verdrag te Constantinopel wordt ondertekend. Met deze twee verdragen worden de nieuwe grenzen vastgelegd.[35] Op zichzelf hebben deze verdragen al een belangrijke bijdrage geleverd op twee verscheidene manieren aan internationaal recht. Ten eerste wordt er een duidelijke politieke grens getrokken en ten tweede wordt het idee geïntroduceerd van de onschendbaarheid van het territorium van een soevereine staat.[36]

Belangrijk is ook dat het verdrag effectief de islamitische groei van de Ottomanen een halt toeroept; tot aan de ondertekening van het verdrag was het belangrijk en inherent aan de Ottomaanse staat om het geloof te blijven verspreiden.[37] Daarbij hanteerden ze een techniek waarbij ze telkens gebied bleven veroveren, vervolgens een staakt-het-vuren met de tegenstander ondertekenden en na verloop van tijd weer verder gingen. Karlowitz en Constantinopel vormen echter een belangrijke cesuur in deze techniek, want het waren in de kern complete vredesonderhandelingen, waarbij de Ottomanen ditmaal gebied moesten opgeven.[38]

Het Verdrag van Karlowitz is meermaals opgeschreven, maar voor dit essay maken we gebruik van het vierde deel van de verzameling ‘A general collection of treatys of peace and commerce, manifestos, declerations of war, and other publick papers.’ Dit is een Engelse verzameling uit 1732, waarin het verdrag is opgenomen. De verzameling wordt bewaard in de British Library te Londen en geeft een mooi chronologisch verloop van een aantal verdragen, waaronder het Verdrag van Karlowitz. Nadeel kan echter wel zijn dat, zeker met kopieën, het een en ander veranderd kan zijn, hetzij goedschiks of kwaadschiks. Het werk is echter wel gebruikt voor dit verslag, omdat de British Library goed onderzoekt of hun bronnen wel of niet betrouwbaar zijn en letten op de authenticiteit van het document.

Daarnaast is de inhoud van beide verdragen vrijwel identiek aan elkaar. De opzet was namelijk om een vredesverdrag te sluiten na de Oorlog van de Heilige Liga (1683-1699) tussen alle betrokken landen. Terwijl het Heilige Roomse Rijk, Polen en Venetië in Karlowitz een verdrag sloten met de Ottomanen, deden de Russen dit een jaar later te Constantinopel. De intenties en inhoud waren echter evenredig aan elkaar, daar het simpelweg ging om het bevestigen van de grenzen, zoals die aan het einde van de oorlog lagen. Voor de Russen hield dit concreet in dat zij het veroverde territorium van Azov nu officieel toegezegd kregen.

Ook heb ik gekozen om dit verdrag te gebruiken als bron, daar het Verdrag van Constantinopel precies dezelfde structuur had, met dezelfde formaliteiten. Om te kijken hoe men naar elkaar verwijst en elkander aanspreekt, maak ik van dit verdrag gebruik. Als wij naar de inhoud van het Verdrag van Karlowitz kijken, zien wij vervolgens dat alle partijen met evenveel respect worden behandeld en dat er geen duidelijk geval is van een boosdoener of een slachtoffer. De Ottomanen worden nog altijd met respect behandeld en de sultan wordt onder andere de ‘most serene emperor’ genoemd.[39] Daarbij is artikel XVI van het verdrag met de Habsburgse keizer veelzeggend:

[40]

We zien hier dat er nadrukkelijk aangestuurd wordt op een langdurige vrede en dat beide keizers, almachtig en waardig dat ze zijn, een goede vriendschap kunnen nastreven. In het verdrag zien we kortom, vrij weinig hostiliteit en juist veel aimabele en lovende woorden voor elkaar. Nu zou je hier natuurlijk tegenin kunnen brengen dat de uiteindelijke verliezers wel de Ottomanen zijn, daar ze afstand moeten doen van een heleboel gebied. Dit is echter geen reden om aan te nemen dat de Ottomanen daarom tot de ander worden gemaakt. Als we puur af gaan op de inhoud van het verdrag, dan zien we juist wederzijds respect en pure diplomatiek, geen daadwerkelijke clash of civilizations waarbij beide partijen elkaar als dé vijand bestempelen.

 

Wat er echter wel gebeurt, dankzij dit verdrag, is dat beide landen van positie wisselen. Dankzij de Europese hervormingen weet Rusland grote militaire successen te boeken, ten koste van het Ottomaanse Rijk. Het is dan ook na het Verdrag van Karlowitz en Constantinopel dat de Ottomanen zelf aan een reeks hervormingen beginnen, waarbij zij nu de Russen kopiëren.[41] Een soort inception, daar de Russen eerst hun oriëntale veren proberen af te schudden en de Ottomanen dit vervolgens ook proberen te doen, door de Russen na te bootsen. Ook ontwikkelden de Russen in deze periode hun eigen variant van het oriëntalisme, waarbij ze een duidelijk onderscheid maakten tussen het ‘verlichte’ deel (het kerngebied rondom Moskou) en het oosten, wat achterhaald en dom was.[42] Het oosten is in deze context overigens niet per definitie het Ottomaanse Rijk, maar eerder het Siberische oosten.

Tegelijkertijd is het ook interessant om te zien dat, terwijl de Russen hun grensgebied openen, de Ottomanen dat van zichzelf dichtgooien.[43] Dankzij de successen van Peter de Grote ontwikkelt Rusland zich langzaam richting een autocratische, centralistische staat, terwijl het Ottomaanse Rijk een proces van decentralisatie ondergaat en de macht van de sultan afbrokkelt.[44] Deze ontwikkeling zorgt er tevens voor dat er langzaam bij de Russen een bewustzijn wordt gekweekt van de zwakte van de Ottomanen.  Deze verliezen bijzonder hun strijdlust na de Vrede Van Karlowitz, waar de Russen zich maar al te bewust van worden.[45] Eerder al waren er berichten over de zwakheid van de Ottomanen in de vorm van corruptie, onkunde et cetera, zelfs al voor het heerschappij van Peter de Grote.[46] De zwakheid van de Russen zelf weerhield het volk er echter van om een oriëntalistisch beeld te scheppen van de Turken, maar dit stak na Peter de Grote behoorlijk op.

 

Conclusie

De opkomst van het Russische Rijk onder Peter de Grote kan gerust worden omschreven als een bijzonder turbulente, maar tegelijkertijd enerverende periode. Aan de ene kant lijkt er duidelijk een groots plan te zijn uitgestippeld, aan de andere kant lijkt het af en toe juist alsof de Russen wat proberen af te tasten; om te kijken wat wel en wat niet werkt. Zo zien we over het algemeen dat er niet veel sprake lijkt te zien van een oriëntalistische insteek, wanneer het aankomt op de Ottomanen. Sterker nog, het zijn voor het leeuwendeel van deze periode juist de Russen die door de Europeanen als een Oriëntalistische bende worden gezien; vreemd en barbaars, waarbij ze eigenlijk nog minder dan de Ottomanen zijn, daar die door hun vele veroveringen het respect hebben verworven van de westerse naties.

Peter de Grote laat echter op verscheidene manieren zien dat Rusland een rijk is waar men voortaan rekening mee moet houden. Het is een man geweest die vele conventies liet verdwijnen en een heleboel nieuwe denkbeelden importeerde. Wat dat betreft zou je haast kunnen zeggen dat Rusland door haar eigen oriëntalistische positie zich genoodzaakt zag om zich te ontdoen van haar ‘barbaarse’ identiteit, en dat juist het vijandige beeld vanuit het westen uitnodigde om een nieuwe identiteit te schapen.

Het is tijdens het bewind van Peter de Grote ook nog niet zo dat Rusland het Ottomaanse Rijk als de oriënt gaat zien. Dat komt later pas, nadat de Russen zich nog maar net op de kaart hebben kunnen zetten, na een lange en moeizame strijd met maar liefst drie grote machten, te weten Zweden, Polen en het Ottomaanse Rijk. De verdragen laten ons daarnaast zien dat er door de Russen en de Ottomanen op diplomatiek gebied meer waarde wordt gehecht aan het herstellen van goede relaties met elkander, dan het wederom benadrukken van elkaars verschillen.

Azov heeft daarbij, ondanks de nodige scepsis, een vrij grote rol gespeeld bij dit proces en het kan mijns inziens wel beschouwd worden als het moment waarop de rollen langzaam omgedraaid worden; Rusland begint zich op de kaart te zetten en de Ottomanen beginnen zich juist steeds meer terug te trekken, zowel qua territoria als qua ideologie. Het mes snijdt wat dat betreft aan twee kanten. Enerzijds is Rusland ‘de ander’ voor Europa en aan de andere kant beginnen de Ottomanen langzamerhand ‘de ander’ voor Rusland te worden. Deze wisselwerking kun je als de blauwdruk zien voor het scheppen van de nieuwe Russische identiteit. Gebeurtenissen als Azov en de ondertekende verdragen laten daarbij zien hoe de identiteit concreet vorm wordt gegeven.

Aldus kunnen we concluderen dat er geen sprake is van een simpel wij-zij verhaal tussen een christelijk westen en een islamitisch oosten, laat staan van een ‘clash of civilizations.’ Hier liggen echter prachtige kansen voor de historiografie, daar de relatie tussen de Russen en Ottomanen een wisselwerking kent waar historici zich nog lang mee bezig kunnen houden. Het is het verhaal van een jong en een oud imperium, die niet met maar ook zeker niet zonder elkaar kunnen, en die gecompliceerde relatie verdient het om grondig bestudeerd te worden.

 

 


 

Bibliografie

Abou-el-Haj, Rifaat A. “The formal closure of the Ottoman Frontier in Europe: 1699-1703.” Journal of the American Oriental Society 89, no. 3 (juli-september 1969): 467-475

Ágoston, Gábor. “Military transformation in the Ottoman Empire and Russia, 1500-1800.” Kritika: Explorations in Russian and Eurasian History 12, no. 2 (lente 2011): 281-319.

Bassin, Mark. “Geographies of imperial identity.” In The Cambridge history of Russia. Vol. 2. Ed. Dominic Lieven, 45-64. Cambridge: Cambridge University Press, 2006.

Bobrovnikov, Vladimir. “Islam in the Russian Empire.” In The Cambridge history of Russia. Vol. 2. Ed. Dominic Lieven, 202-224. Cambridge: Cambridge University Press, 2006.

Boeck, Brian J. Imperial Boundaries: Cossack communities and empire-building in the Age of Peter the Great. Cambridge: Cambridge University Press, 2014.

Hosking, Geoffrey. Russia: People and empire 1552-1917. Londen: HarperCollins, 1997.

Hughes, Lindsey. “Russian culture in the eighteenth century.” In The Cambridge history of Russia. Vol. 2. Ed. Dominic Lieven, 65-91. Cambridge: Cambridge University Press, 2006.

LeDonne, John P. The Grand Strategy of the Russian Empire, 1650-1831. Oxford: Oxford University Press, 2004.

Lieven, Dominic. “Russia as empire and periphery.” In The Cambridge history of Russia. Vol. 2. Ed. Dominic Lieven, 7-26. Cambridge: Cambridge University Press, 2006.

Taki, Victor. “Orientalism on the margins: The Ottoman Empire under Russian eyes.” Kritika: Explorations in Russian and Eurasian History 12, no. 2 (lente 2011): 321-351.

“Treaty at Carlowitz.” In A general collection of treatys of peace and commerce, manifestos, declerations of war, and other publick papers. Vol. 4. Ed. Samuel Whatley, 290-322. Londen, British Library. (Kopie van origineel uit 1732).

 

 Noten

[1]Geoffrey Hosking. Russia: People and empire 1552-1917 (Londen: HarperCollins, 1997), 76.

[2]Hosking, Russia: People and empire, 61.

[3]John P. LeDonne. The Grand Strategy of the Russian Empire, 1650-1831 (Oxford: Oxford University Press, 2004), 25.

[4] Dominic Lieven, “Russia as empire and periphery.” In The Cambridge History of Russia, 14.

[5]Hosking, viii-ix

[6]Gábor Ágoston, “Military transformation in the Ottoman Empire and Russia, 1500-1800,” Kritika: Explorations in Russian and Eurasian History 12, no. 2 (lente 2011): 281-282.

[7]LeDonne, The grand strategy, 18.

[8]LeDonne, 18.

[9]LeDonne, 19.

[10]LeDonne, 19-20.

[11]LeDonne, 20.

[12]LeDonne, 21.

[13]LeDonne, 24.

[14]LeDonne, 25.

[15]Ágoston, “Military transformation,” 288.

[16]LeDonne, 25.

[17]LeDonne, 25-26.

[18]LeDonne, 28.

[19]Brian J. Boeck. Imperial Boundaries: Cossack communities and empire-building in the Age of Peter the Great (Cambridge: Cambridge University Press, 2014), 118.

[20]Boeck, Imperial Boundaries, 118-119.

[21]Boeck, 118.

[22]Dominic Lieven, “Russia as empire and periphery,” in The Cambridge history of Russia. Vol. 2. Ed. Dominic Lieven (Cambridge: Cambridge University Press, 2006), 10.

[23]Ágoston, 283.

[24]Ágoston, 282.

[25]Victor Taki, “Orientalism on the margins: The Ottoman Empire under Russian eyes,” Kritika: Explorations in Russian and Eurasian history 12, no. 2 (lente 2011): 329.

[26]Lieven, “Russia as empire and periphery,” 14.

[27]Taki, “Orientalism on the margins,” 323.

[28]Taki, 324.

[29]Hosking, 47.

[30]Hosking, 82.

[31]Lindsey Hughes, “Russian culture in the eighteenth century,” in The Cambridge history of Russia. Vol. 2. Ed. Dominic Lieven (Cambridge: Cambridge University Press, 2006), 67.

[32]Vladimir Bobrovnikov, “Islam  in the Russian Empire,” in The Cambridge history of Russia. Vol. 2. Ed. Dominic Lieven (Cambridge: Cambridge University Press, 2006), 204.

[33]Bobrovnikov, “Islam in the Russian Empire,” 204.

[34]Bobrovnikov, 204.

[35]Rifaat A. Abou-el-Haj, “The formal closure of the Ottoman Frontier in Europe: 1699-1703,” Journal of the American Oriental Society 89, no. 3 (juli-september 1969):  467.

[36]Abou-el-Haj, “The formalclosure,” 468.

[37]Abou-el-Haj, 469.

[38]Abou-el-Haj, 470.

[39] “Treaty at Carlowitz,” in A general collection of treatys of peace and commerce, manifestos, declerations of war, and other publick papers.

[40] “Treaty at Carlowitz,” 299.

[41]Taki, 324.

[42]Mark Bassin, “Geographies of imperial identity,” in The Cambridge history of Russia. Vol. 2. Ed. Dominic Lieven (Cambridge: Cambridge University Press, 2006), 49.

[43]Abou-el-Haj, 475.

[44]Ágoston, 283.

[45]Taki, 330.

[46]Taki, 328.

Facebooktwitter

Be the first to comment on "Een Europese identiteit middels vijandigheid"

Leave a comment

Your email address will not be published.


*


Door de site te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of als u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten