De ondraaglijke lichtheid van de liberaaldemocratie

Facebooktwitter

Twee liberaaldemocraten hebben weer eens op onnavolgbare wijze de ondraaglijke lichtheid van de liberaaldemocratie geïllustreerd: Open VLD-partijvoorzitster Gwendolyn Rutten en filosoof Maarten Boudry.

De eerste heeft een boekje geschreven of laten schrijven en trapte de promotiecampagne af met enkele straffe quotes. Plots is “onze” manier van leven zonder enige twijfel superieur aan alle andere manieren van leven in de wereld. Plots is cultureel relativisme een probleem. Plots hebben de liberalen beslist om geen millimeter meer te wijken. Kakelliberalisme.

Filosoof Maarten Boudry treedt Kwekkelien holmondig bij. De stelling dat “onze” samenlevingsvorm – de liberale rechtsstaat – superieur zou zijn, is volgens deze wijsgerige communicant eenvoudig en onloochenbaar. Voor een filosoof poneert Boudry wel een warrige stelling. Wat de eenvoud betreft: leven we wel in een liberale rechtsstaat? Wat is dat precies? Aangaande de onloochenbaarheid: is die wel superieur en hoe manifesteert die superioriteit zich? En wat is “superieur” überhaupt? Feel good-filosofie van de Blandijnberg, het Studio 100 van de wijsbegeerte. Een dun vernislaagje sloganistiek over een inhoudsloze woordenbrij.

Boudry heeft het over “verworvenheden”, nog zo’n modewoord. Verworvenheden die we niet te danken zouden hebben aan de (judeo-)christelijke cultuur, maar aan de “Verlichting”… nog zo’n modewoord! De “Verlichting” zou een radicale breuk met en revolte tegen de minstens zestien voorafgaande eeuwen van absolute duisternis en malaise  zijn. Als voorbeelden haalt Boudry aan: de ontwikkeling van de wetenschap in de zeventiende eeuw. Dat deze wetenschappers allemaal gevormd werden aan christelijke universiteiten, en gepokt en gemazeld waren in de wetenschappelijke methode die de scholastici hadden overgeërfd van Aristoteles en hadden geperfectioneerd, en bovendien diepchristelijke zielen waren, wordt natuurlijk genegeerd.

Ook de Amerikaanse revolutie wordt aangehaald. Plots wordt een revolte van diepchristelijke, slavenhoudende krijgsheren, die uitmondde in een proto-fascistisch staatsbestel waar God, wapenbezit en eigendom over andere mensen in de Grondwet en de esprit de la nation werden verankerd en enkel mannelijke grondbezitters aan de democratie mochten deelnemen, door Boudry omgedoopt tot revolte tegen de christelijke traditie, en voor een egalitaire liberaaldemocratie. Faut le faire.

Ook de Franse revolutie wordt erbij gesleept. Welke dan? Die van 1789, toen een burgerlijke (en christelijke) elite een constitutionele monarchie op het getouw poogde te zetten of de proto-communistische revolutie van de jacobijnen, die erop volgde? De genocide van de Vendée? De geïndustrialiseerde liquidering van politieke tegenstanders en verbeurdverklaringen van privébezittingen van tienduizenden, honderdduizenden Fransen? Ja, duidelijk een orgelpunt in de liberaaldemocratische traditie. Ongetwijfeld “de prijs van de vrijheid”. Als dat de Verlichting is, doe het licht maar snel uit.

En wat houdt die superieure liberale rechtsstaat nu eigenlijk in? De vrijheid om jezelf te ontplooien en ongehinderd je eigen mening te verkondigen, aldus Boudry. Maar dat is toch een vrijheid waar de radicale islam gretig van gebruik maakt?  Dat is toch een vrijheid waarvoor Kwekkelien Rutten “geen millimeter wil wijken”? Hoe overtuig je een moslim ervan dat de Westerse waarden “superieur” zijn, als zijn recht om inferieure meningen te bezitten en uit te dragen hetzelfde gewicht hebben als de superieure meningen? Wat houdt superioriteit in, als het zichzelf ten opzichte van het inferieure niet manifesteert, als het superieure het inferieure niet domineert? Met andere woorden, wanneer het superieure niet in staat is of wil zijn om zijn recht prioriteit te doen gelden boven het voorrecht van de inferieure? De wolf vestigt zijn superioriteit toch niet over het schaap door het te aaien, of door te beweren dat het gromrecht van de wolf evenwaardig is aan het blaatrecht van het schaap? En als we onszelf degraderen tot egalitaire, weerloze schapen, onder de bescherming van “onze gelijken”, in plaats van een kundige herder, hoe beschermen we ons dan tegen de wolven? Een liberaaldemocraat haalt dan nihilistisch de schouders op: “we zullen moeten leren leven met wolven die schapen verscheuren, dat is het nieuwe normaal”. De ambitie om ons om te vormen van schapenkudde tot een tot de tanden gewapende roedel wolven, nochtans de geest van de Amerikaanse revolutie, wordt dan weggezet als fascistisch, gewelddadig, even erg als IS. In de liberale democratie mag iedereen over alles meebeslissen, maar een schaap blijf je van de wieg tot je graf.

Boudry rijdt zich dus helemaal vast. Bovendien spreekt hij zichzelf tegen. Hij somt een hele waslijst van “rechten” op, waaronder het recht om je met personen te associëren die je lief hebt, de vrijheid om je seksuele geaardheid te beleven, alsook de wettelijke bescherming tegen haat en discriminatie. Hoe kan de eigenaar van een homobar zijn recht om zich te associëren met personen die hij lief heeft alsook zijn recht om zijn seksuele geaardheid te beleven nu uitoefenen, als de salafist het verworven recht heeft om die eigenaar te beletten toegang te verschaffen tot zijn eigendom aan wie hij wil? Boudry noemt ook het recht om zichzelf te ontplooien, alsook het recht om je politiek te engageren, de vrijheid om je verkiesbaar te stellen en de vrijheid om de maatschappij zelf te verbeteren. Als ik niet warm loop voor een maatschappij die gebaseerd is op de fabeltjesvrijheden van Rutten en Boudry, maar deze wel hun recht succesvol uitoefenen om de maatschappij te verbeteren omdat een toevallige meerderheid voor hun zeemzoetige praatjes valt, en zij vervolgens de maatschappij zodanig “verbeteren”, dan wordt mijn recht om mijzelf als liberale conservatief te ontplooien toch drastisch ingeperkt? Ik zou mij immers beter kunnen ontplooien als ik minder dan 54% van mijn inkomsten zou moeten afdragen aan de staat. Maar dan moet er wel bespaard worden op bijvoorbeeld de wettelijke bescherming die de salafist geniet om het eigendomsrecht van de eigenaar van de homobar te beperken. Wordt daarmee het recht om niet gediscrimineerd te worden ingeperkt? Houdt het zogenaamde zelfbeschikkingsrecht over het eigen lichaam, en daarmee samenhangend het recht op abortus, niet in dat het recht voor het ongeboren leven om zich te ontplooien (waarvoor geboren worden een noodzakelijk voorwaarde is), wordt ingeperkt?

Kortom: de liberaaldemocratische flou is een op zand gebouwde waslijst aan begeertes die verpakt worden als rechten. Rechtsfilosoof Frank Van Dun beschreef het voortreffelijk in zijn essay “De utopie van de mensenrechten”: uiteindelijk is de wildgroei aan rechten en vrijheden een ingenieuze manier om de wensdroom van socialistische utopisten, namelijk het negeren van schaarste, te bewerkstelligen. Iedereen heeft recht op alles ten koste van alles en iedereen. De liberaaldemocraat heeft het allemaal te geef: de kiezer vraagt, hij draait. Dat sommige verworven rechten haaks op andere verworven rechten komen te staan, wordt vrolijk genegeerd.

Het is uiteindelijk de grote herverdelingsmachine van de sociale welvaartsstaat die schaarse middelen rooft bij hen die de machine niet democratisch gelegitimeerd hebben, en de buit rijkelijk verdeelt onder hen die de machine wel hebben gelegitimeerd. Zo ontstaat natuurlijk de illusie van overvloed bij de vrienden van de machine: heeft u een verlangen of een drift? Druk op de knop (of kleur het bolletje rood) en de machine maakt er onmiddellijk een “verworven recht” van en u wordt op uw wenken bediend. Gaat er iets mis? Dan is het de fout van de netto-afdragers van rechten: zij die meer middelen (hun eigendomsrecht) afstaan aan de machine dan ze eruit halen. Ofwel dragen zij niet genoeg af, ofwel produceren ze onvoldoende, waardoor de onteigenbare basis verkleint. De netto-ontvangers van rechten zullen steeds meer verlangens en driften ontdekken, en de machine zal de netto-afdragers van rechters steeds verder uitzuigen. En hier komen we bij de essentie van de superioriteit van de liberaaldemocratie: het gaat helemaal niet om de superioriteit van het ene beschavingsmodel over het andere, maar de superioriteit van de verlangens van de netto-ontvangers van rechten over die van de netto-afdragers van rechten.

Natuurlijk is de “superioriteit” die Boudry uitdraagt een perverse superioriteit. De man straalt helemaal geen superioriteit uit. De spiering van Moorslede. Je loopt hem zo voorbij. Of omver. Tegenover Mohammed, die door onze riante vrijheden- en rechtenmachine de tijd en de middelen heeft om uren per week door te brengen in de sportschool, kan zijn superioriteit heel makkelijk vestigen over Boudry. Wie schermt met het woord “superieur”, moet die claim ook hard kunnen maken. Is Boudry niet alleen bereid, maar ook in staat om bloed te vergieten voor zijn superieure samenleving? Zowel het zijne als dat van Mohammed? Hij ligt met een vlindermes in de nieren en schedelfractuur tegen de kasseien voor hij Mo kan citeren uit Leibniz! Paradoxaal genoeg zijn het de liberaaldemocraten die de superioriteit van hun wereld het luidste poneren, die het meeste huiveren voor het beeld van de gewapende burger. De weerbare burger. De burger die zijn superieure liberale waarden ook in de feiten kan afdwingen, en Mohammed als weerspannige puppy in het nekvel kan grijpen en hem met zijn neus in het slijk kan duwen. Superioriteit is een werkwoord.

Die notie hangt ook nauw samen met de doldwaze misvatting van Boudry dat mensen uit alle streken naar Europa komen toegestroomd om onze vrijheden en superieure moraal. Neen. Men komt naar hier omdat onze rijkdommen, die wij eeuwenlang hebben opgebouwd, voor het grijpen liggen. Wij zijn allemaal Maarten Boudry’s, die met onze ziekenkasbrilletjes en frêle gestel niet in staat zijn onze eigendomsrechten af te dwingen, onze vrouwen (en dus onze superieure genenpoel) te verdedigen en onze dominantie te vestigen. Wij hebben een fysiek en moraal vacuüm gecreëerd, en zoals dat gaat in de fysica, wordt een vacuüm altijd  opgevuld door materie. In casu: andere, minderwaardige samenlevingsvormen. Ik zie Boudry daar al staan, gewapend met een resem Verlichtingsdenkers, tegenover Mohammed die zich vergrijpt aan Boudry’s zuster, lief en waarom ook niet moeder. En waarom niet? Mo heeft een drift, een verlangen, en in het beloofde land Europa zijn we sterk in het omvormen van driften en verlangens in rechten en vrijheden. En terwijl Mohammed zijn genoom vermengt met dat van Boudry’s zuster, lief en moeder zal hij zich sussen met de gedachte dat men in een vrije samenleving het recht heeft om de hand te bijten die voedt.

Post scriptum: op de dag dat ik dit stukje uittyp, lees ik een artikel over de Nederlandse jihadbruid Laura Hansen. Zij wilde “bij de Marokkanen horen”, want die vond ze stoer. Natuurlijk. Laura heeft de keuze tussen de fragiele Westerling, de boekenwurm die vrouwen probeert te imponeren met zijn feministische praatjes, zijn voorliefde voor eerlijke koffie en zijn hoedanigheid als penningmeester van de lokale Chiro-afdeling. Daartegenover staat de afgetrainde Mahrebijn, die een scheve blik met een rechtse hoek beantwoordt, in tegenstelling tot Maarten Laura kan bevredigen en haar desnoods kan vernietigen. Die man straalt superioriteit uit. Met zo iemand wil een vrouw natuurlijk haar genoom vermengen. Dat is de zelfmoord van het Westen. Dat is de ondraaglijke lichtheid van de liberaaldemocratie.

Facebooktwitter

Be the first to comment on "De ondraaglijke lichtheid van de liberaaldemocratie"

Leave a comment

Your email address will not be published.


*


Door de site te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of als u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten