De Efteling: Baken van traditionalisme in een modernistische wereld

Foto door Nomar [https://nl.wikipedia.org/wiki/Gebruiker:Nomar], CC BY-SA 3.0 [https://creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0/deed.en]
Facebooktwitter

Het is weer zover, de politiek-correcte anti-racisten (die net zo rascistisch zijn als de anti-fascisten fascistisch), van “SOS” (sossen zijn het inderdaad) willen de Efteling op hun knieën dwingen voor de zoveelste belachelijke eis. Het park zou racistisch en kwetsend zijn vanwege wat attracties. De attracties, Monsieur Kanibale en Carnaval Festival, bestaan nota bene uitsluitend uit karikaturen, humoristische uitvergrotingen dus. Nederlanders dragen in het echt ook geen klompen terwijl ze dansen op accordeonmuziek en Duitsers drinken ook wel eens iets anders dan bier en wijn. De vele Duitse toeristen die het park jaarlijks bezoeken klagen niet, SOS laat hiermee maar weer zien dat links nog minder humor heeft dan de gemiddelde Duitser.

Maar genoeg over dat clubje zielige aandachtszoekers. Veel interessanter is te zien hoe de Efteling, al vanaf haar prille begin in 1952, een baken van traditionalisme is. Of nog veel knapper; hoe het traditionalistisch gebleven is, volledig tegen de tijdsgeest in. Dat is te danken aan Peter Reijnders maar vooral Anton Pieck.

Het was Reijnders die in 1951 een tijdelijke sprookjestuin in Eindhoven, gerealiseerd om het zestigjarig jubileum van Philips te vieren, probeerde een tijdelijk karakter te geven. Dat mislukte helaas jammerlijk. Toen hij echter later door zijn zwager, de burgemeester van Loon op Zand, de gemeente waar ook Kaatsheuvel en de Efteling zich bevinden, werd gevraagd om de lokale speeltuin aantrekkelijker te maken, greep Reijnders die kans aan om een start te maken met wat nu het sprookjesbos is.

Hij was daarbij vooral de technische man en zocht iemand om de ontwerpen te maken voor het uiterlijk van de sprookjes. Hij dacht daarbij al snel aan Anton Pieck die op dat moment al een redelijke bekendheid had bereikt als illustrator van o.a. sprookjesboeken. Die bleek echter moeilijk over te halen. Pieck wilde alleen meewerken aan het plan als er gebruik werd gemaakt van degelijke materialen, echte vaklui en er een esthetisch mooi eindproduct zou ontstaan. Reijnders en Pieck konden het echter al snel goed met elkaar vinden door hun gedeelde waardering voor de romantiek. Het sprookjesbos werd een groot succes en legde de basis voor de latere uitbouw van de Efteling tot een volwaardig attractiepark.

Al die tijd heeft de Efteling ook aan de Pieckse stijl vast willen houden. Geen havencontainers of betonblokken zoals bij veel andere attractieparken, maar degelijke materialen, veel details en traditionalistische bouwstijlen om een romantische sfeer te creëren, dat kenmerkt de Efteling. Het park geeft niet voor niets tien miljoen per jaar uit aan onderhoudskosten en besteed bij veel attracties net zoveel aan de aankleding als aan de attracties zelf. Het vormt daarmee een unicum in de pretparkwereld. Enkel Disney, dat ter inspiratie ook naar de Efteling (en Tivoli in Denemarken) heeft gekeken, kan aan dat niveau tippen.

Daarmee brak de Efteling met de tijdsgeest. Zoals Pieck op 85-jarige leeftijd, terugkijkend op zijn periode bij het park, uitsprak:

“De kinderspeelplaatsen die je toen in de Nederlandse steden zag, bestonden slechts uit beton en ijzer. Ontzettend nuchter. Ik vind het zo geweldig belangrijk voor kinderen dat ze een speelplaats hebben, waar ze later eens aan terugdenken. Dus een speelplaats met romantiek.”

Het perfectionisme van Pieck viel samen met de totale sloop van Nederland tijdens de wederopbouw. Of zoals Pieck zelf gevat zei:

Ja, ik heb dit land toch wel erg móói gekend. Wat er nu nog is, zie ik als een puinhoop van vroeger. Dat maakt me triest, ja.

Op een bepaalde manier hield de Efteling de traditionele bouwkunst in leven. Het liet zien dat het niet een ouderwetse stijl was die nu niet meer gebruikt moest worden, maar dat zelfs in  de moderne tijd de traditionele bouwstijlen nog van waarde zijn. Het is bijzonder om te zien hoe in een semi-commerciële omgeving het traditionalisme nog altijd vierde, waar de overheid modernistische wijken bouwde.

Maar niet alleen de oude bouwstijlen werden levend gehouden, dat gold ook voor de oude verhalen. Bijna elke Efteling-attractie grijpt terug op een oud verhaal, vertelsel of traditie die daarmee in leven gehouden worden. De Efteling bracht traditie in tijden van moderniteit. Het is dan ook niet vanwege de hoge achtbanen (die in Walibi zijn hoger) of stoere thrillrides (al hebben ze die ook), maar door de sfeer van Pieckse huisjes in het groen, waar families zich kunnen vermaken met oude verhalen, mythes en sagen, zo massaal bezocht wordt. De bijna vijf miljoen bezoekers per jaar bewijzen dat het traditionalisme nog steeds in de mensen leeft, hoezeer het modernisme ook opgedrongen wordt. Die gedachte heeft zich bewezen dankzij Pieck maar het is de Efteling die zijn gedachte vandaag de dag nog altijd in leven houdt.

 

 

Facebooktwitter

Be the first to comment on "De Efteling: Baken van traditionalisme in een modernistische wereld"

Leave a comment

Your email address will not be published.


*


Door de site te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of als u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten