Ik hoef dat verdrag helemaal niet te lezen

Facebooktwitter

Op dag één van de EU begon het liegen al: het was altijd al de bedoeling dat die vrije markt voor kolen en staal zou uitgroeien tot de politieke moloch die het nu is. En heel bewust kreeg de bevolking zeker 40 jaar lang op de mouw gespeld dat het alleen om economische samenwerking zou gaan. Politici waren zich er terdege van bewust dat die plannen weinig steun zouden krijgen, dus werden ze handig buiten de publiciteit gehouden. Dat was toen uiteraard veel eenvoudiger dan nu, maar men blijft het proberen: ook het associatieverdrag met de Oekraïne wordt gepresenteerd als handelsverdrag terwijl het veel meer is dan dat.

De Fransen en Nederlanders wezen de komst van een Europese Grondwet af bij referendum in 2005, maar die grondwet kregen we toch, zij het onder de naam van het Verdrag van Lissabon. De Ieren stemden dan weer tegen het Verdrag van Lissabon, maar dat referendum werd doodleuk herhaald totdat er een uitkomst was die de politieke klasse welgevalliger was. Over het opgeven van onze nationale munteenheid hadden we helemaal niets te zeggen, maar de boodschap was duidelijk: niet meedoen zou een economische ramp zijn. Landen als IJsland en Zwitserland bewijzen dat dat nonsens is, maar we hadden niets te zeggen.

Wat de EU was bij het eerste begin in de jaren 1950, is het nog steeds: een instituut dat de mening van het volk minacht, en dat met bewuste misleiding en manipulatie haar eigen politieke agenda nastreeft. Steeds als er weer een stukje soevereiniteit ingeleverd moet worden is het sterkste argument van de politieke klasse het dreigen met catastrofale gevolgen. Het maakt allemaal niet zo’n indruk meer, en dat heeft de overheid ook opgemerkt – vandaar die (wat kinderlijke) communicatiestrategie. Dat “geen grote woorden” blijkt alleen een wat lastige omslag voor sommigen in het voor-kamp, want ze kunnen het maar niet laten.

We hebben het dan ook over een instituut dat er al bijna 60 jaar lang niet in slaagt om te besluiten of het in Straatsburg of Brussel wil vergaderen – en daarom maar elke maand de hele organisatie verhuist tussen de twee panden die daarvoor aangehouden worden (kosten: 180 miljoen per jaar). Als mensen die dit soort dingen prima vinden mij zeggen dat ik Voor moet stemmen, dan weet ik al genoeg – en stem ik dus Tegen. Daar hoef ik dat hele verdrag niet voor te lezen.

Tel daarbij op dat de besturende elite ons aan de ene kant bezweert dat het echt alleen een handelsverdrag is en aan de andere dreigt dat afwijzing zal leiden tot een “continentale crisis”. Duidelijker wordt het niet dat er hier iets wordt doorgedrukt waar wij als gewone stervelingen niets aan hebben.

In dat verdrag staan genoeg redenen om Tegen te stemmen, maar ook met een proteststem op 6 april is helemaal niets mis. Een instituut dat zo zijn best doet om zich aan de wil van het volk te onttrekken verdient het om bij elke gelegenheid teruggefloten te worden. Als wij als burgers zo weinig kans krijgen om invloed uit te oefenen op het orgaan dat ons bestuurt dan zijn wij het aan onszelf verplicht om elke kans aan te wenden om dat orgaan tot de orde te roepen. Als ik een intercity ingeduwd word terwijl ik helemaal niet weg wil dan stap ik ook bij de eerste halte weer uit, hoe mooi de eindbestemming ook is volgens de machinist.

Facebooktwitter

Be the first to comment on "Ik hoef dat verdrag helemaal niet te lezen"

Leave a comment

Your email address will not be published.


*


Door de site te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of als u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten