Hoe het kartel van de zorgverzekeraars ontstond (en hoe we er vanaf komen)

Foto door Epsos.de [https://www.flickr.com/photos/epsos/], CC BY 2.0 [https://creativecommons.org/licenses/by/2.0/]
Facebooktwitter

Het is weer december, de klassieke maand voor de zorgverzekeraarsspotjes. Omdat iedere Nederlander bij wet verplicht is vóór 1 januari zijn zorgverzekering af te sluiten, gebruiken de Nederlandse verzekeraars vooral de laatste maand om nieuwe klanten te werven. Of ja, klanten; dat is een vreemde term als je spreekt van een product dat je verplicht moet afnemen.

De particuliere verzekeringen van vroeger
De bemoeienis van de overheid met de zorg in Nederland is groot, veel groter nog dan bij andere sectoren. Dat geldt niet alleen voor de zorg zelf, maar ook voor de verzekering daarvan. Bij de zogenaamde privatisering (in de praktijk meer een greep van de overheid op de zorgverzekeringen) werden zowel het ziektefonds als de particuliere ziektenkostenverzekeringen afgeschaft. In het oude stelsel was die particuliere verzekering niet verplicht en hadden de particuliere verzekeraars veel ruimte om de hoogte van de premie, de dekking, het eigen risico, enzovoorts aan te passen. Er bestonden dan ook veel verschillende verzekeringen en verzekeraars, waaronder veel onafhankelijke kleintjes.

Daarnaast bestond er het ziekenfonds. Voor de afschaffing ervan was dit een verplichte door de staat geregelde verzekering voor mensen met een relatief laag inkomen, waarbij de werkgever een deel van de premie betaalde. Omdat het systeem niet goed functioneerde (de kosten waren veel te hoog, met name doordat een grote groep mensen met weinig zorgkosten zich particulier ging verzekeren omdat dit goedkoper was), moesten de particuliere verzekeringen verplicht meebetalen aan de ziekenfondskas. De particulier verzekerde moest dubbel betalen; dus ook aan het ziekenfonds. Dit omdat het ziekenfonds ook minder betaalde aan artsen en ziekenhuizen, (vaak zelfs onder kostprijs) een prijsverschil dat middels particulier verzekerden gecompenseerd werd.

Geschiedenis van het Ziekenfonds
De ziekenfondsen zijn juist ontstaan als private instanties. Al in 1780 werden er ziekenfondsen gecreëerd door commerciële verzekeringsbedrijven die op die manier de armen een betaalbare verzekering aanboden. [1] In 1874 namen de Amsterdamse timmerlieden het initiatief tot een eigen ziekenfonds. Dat initiatief kreeg veel navolging, met name in samenwerking met vakbonden. Voor de Tweede Wereldoorlog, een tijd waarin de armsten veel armer waren dan dat ze nu zijn, was 2/3 van de bevolking verzekerd. Buiten de overheid om dus!

Het Ziekenfondsenbesluit van de Duitse bezetter in 1941 waarmee ons ziekenfondssysteem begon

Het Ziekenfondsenbesluit van de Duitse bezetter in 1941 waarmee ons ziekenfondssysteem begon

De echte staatsinmenging kwam pas in de oorlogsjaren, toen de Duitse bezetter de Krankenkasse invoerde waarmee iedere Nederlander onder een bepaalde inkomensgrens verplicht in het ziekenfonds moest. Dit systeem werd na de oorlog gehouden. Onder het kabinet Den Uyl (!) kwam het eerste voorstel tot het systeem dat we nu hebben. Staatssecretaris Jo Hendriks (KVP) wilde de private verzekeringen en het ziekenfonds samenvoegen. Dat voorstel haalde het toen niet. [2]

De nieuwe Zorgverzekeringswet, de zogenaamde privatisering
In 2004 slaagde Minister Hoogervorst (VVD) waar staatssecretaris Hendriks faalde. In de nieuwe Zorgverzekeringswet (ZVW) werd het gehele systeem van ziekenfondsen en particuliere zorgverzekeraars bij elkaar geveegd. Niet dat dat oude systeem zo goed was: doordat het zorgaanbod door de overheid werd beperkt ontstonden er lange wachtlijsten met soms zelfs doden tot gevolg.

Het nieuwe systeem was echter geen grote verbetering. Het wordt een privatisering genoemd, in de praktijk was het het tegengestelde: een nationalisering. Het was een nog grotere greep van de overheid op de zorgverzekeringen. De politiek bepaalde voortaan wat er verzekerd werd in het basispakket.

Een groot deel van de verzekeraars verkocht hun zorgportefeuilles of splitste zich op in een zorgdeel en een algemeen verzekeringsdeel. De zorgverzekeraars werden lid van branchevereniging Zorgverzekeraars Nederland, waar sinds de oprichting alleen maar ex-politici voorzitter zijn geweest: tot 2012 Hans Wiegel (VVD), daarna André Rouvoet (CU).

Vanaf dat moment ontstond er kartel van zorgverzekeraars, grotendeels voortgekomen uit de oude ziekenfondsen. In 2007, kort na de invoering van het systeem, kende Nederland vijftien zorgverzekeraars. De vier grootste verzekeraars (Achmea, VGZ, CZ en Menzis, allemaal verzekeraars waar veel kleinere verzekeraars als Univé en OHRA onderdeel van zijn) hebben nu 90 % van de markt in handen gekregen. Samen zijn zij verbonden in het lobbyorgaan Zorgverzekeraars Nederland, dat je met recht een kartel zou kunnen noemen.

DSW en de strijd tegen het zorgverzekeraarskartel
Dat vind niet alleen ik, dat vinden zelfs mensen binnen het verzekeringswezen. DSW, de grootste verzekeraar buiten de grote vier, maakte er zelfs reclame voor in De Telegraaf. [3] DSW-Topman Chris Oomen is door zijn vermogende positie, in de Quote 500 staat hij in de middenmoot, onafhankelijk waardoor hij dingen kan zeggen die zich niet iedereen kan veroorloven. Hij noemde de vrije artsenkeuze één van de belangrijkste zorgthema’s. Dat kwam hem op kritiek te staan van Zorgverzekeraars Nederland-voorzitter André Rouvoet. “Helaas moet het ZN-bestuur constateren dat u zich steeds vaker openlijk distantieert van belangrijke branchestandpunten en zich in de media beschadigend uitlaat over andere zorgverzerkaars.(…) De opstelling van DSW en de wijze waarop u zich nu meermalen publiekelijk over de branche en de collega’s heeft uitgesproken, roepen de vraag op hoe u zelf uw positie binnen de vereniging ziet. Wij zouden dit graag in een gesprek met u aan de orde willen stellen.” [4] En durven er dan nog mensen over ons systeem als een geprivatiseerd vrije-markt zorgsysteem te praten? Niets is verder van de waarheid.

Échte privatisering: de enige optie
Zoals Syp Wynia eerder al constateerde “Het spel wordt niet gespeeld in ziekenhuizen of bij de zorgverzekeraars, maar op het Binnenhof.” [5] Het is tijd om daar verandering in te brengen. Dat kan alleen met meer marktwerking, met échte privatisering. Maak de toetreding tot de zorgmarkt vrij, sta mensen toe te sparen voor hun zorg in plaats van te verzekeren (zoals in Singapore gebruikelijk is) en schrap de verzekeringsverplichting, breek het kartel open door de markt open te breken.

Dat het mogelijk is, blijkt uit de tijd van vóór het ziekenfonds. De armoede in Nederland was toen veel groter, maar toch was een meerderheid van de bevolking verzekerd. Veel particuliere verzekeraars en charitieve organisaties namen toen de armenverzekeringen op zich. Dan moet dat nu, met een veel rijkere bevolking, al helemaal lukken.

 


 

[1] http://www.zorgverzekering.org/algemene-informatie/ontstaan/

[2] http://www.kenniscentrumhistoriezorgverzekeraars.nl/bronarchief/canon/1974.html

[3] http://reclamewereld.blog.nl/files/2015/11/DSW-zorgverzekeraar.png

[4] http://www.volkskrant.nl/dossier-zorg/zorgverzekeraars-berispen-dissident~a3800586/

[5] http://www.elsevier.nl/Politiek/blogs/2015/1/Marktwerking-in-de-zorg-is-vooral-een-machtsstrijd-tussen-politici-1694310W

Facebooktwitter

Be the first to comment on "Hoe het kartel van de zorgverzekeraars ontstond (en hoe we er vanaf komen)"

Leave a comment

Your email address will not be published.


*


Door de site te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of als u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten