Gezondheidsfreaks en puriteinen: een geschiedenis van tabaksrestricties

Roompluim, foto door William Warby [https://www.flickr.com/photos/wwarby/], CC BY 2.0
Facebooktwitter

Nu overheden wereldwijd een oorlog tegen tabak zijn begonnen, daarbij mede ondersteund door de World Health Organisation, is de gedachte niet vreemd dat een restrictief tabaksbeleid iets van de laatste decennia is. Vaak wordt een Readers Digest-artikel uit 1952 als een officieus startmoment genoemd waarin het gezondheidsaspect echt een rol ging spelen. In werkelijkheid begon dat moment al enkele eeuwen eerder, niet lang nadat tabak het Europese vasteland bereikte.

De eerste rokers
Toen Christoffel Columbus in 1492 de Indianen van San Salvador ontmoette, werd hij de eerste rokende Europeaan. Kort daarna maakte tabak een snelle opmars onder de elite van Europa en de koloniën. Zoals dat zo vaak gaat druppelde het eliteproduct door naar de burgerij en de armen en ontstonden in veel Europese landen echte tabaksculturen. Maar met de tabak doken ook al snel bemoeizuchtige vorsten en gouverneurs op.

De eerste vervolging van een roker vond al plaats in 1493, toen de plant nog maar net in Europa was gearriveerd. Rodrigo de Jerez, die Columbus naar Amerika vergezelde, bracht tabak mee van zijn reis en rookte het thuis in Ayamonte op. Maar de vijftiende-eeuwse Spanjaarden dachten dat de duivel aan het werk was toen ze hem die rook uit zagen blazen en schakelden de inquisitie in. Als gevolg daarvan werd Rodrigo zeven jaar lang opgesloten. Toen hij vrijgelaten werd was het roken al gemeengoed geworden in Spanje.

De eerste expliciete rookverboden ter wereld ontstonden bij de kerk. Zo verbood Paus Urbanus VII al in de zestiende eeuw het gebruik van tabak in de kerk, op straffe van excommunicatie. Dat heeft voor zijn gezondheid overigens niet geholpen, want hij staat bekend als de kortst regerende paus ooit, doordat hij al na dertien dagen stierf aan malaria. Een van zijn opvolgers, Urbanus VIII, herhaalde het rookverbod overigens.

Zeventiende en achttiende eeuw; de doodstraf op roken
De tijd van algemene rookverboden moest nog komen. De kerk had, als particuliere organisatie, immers het volste recht om roken binnen haar eigen gebouwen te verbieden. Niet lang daarna bleken Duitse steden en kleine vorstendommen geïnspireerd en voerden zij algemene rookverboden in, in sommige gevallen met zware straffen; van verbanning tot de doodstraf. Pas na de revoluties van 1848 kwam hier een eind aan.

Ook de Turkse sultan Murat IV had de ziekelijke drang om roken daadwerkelijk dodelijk te maken. In 1633 had hij de twijfelachtige eer om als eerste machthebber ooit het roken (evenals het gebruik van koffie en alcohol) met de doodstraf te bestraffen. Er gaan zelfs verhalen dat de sadistische sultan regelmatig incognito door de straten van Istanbul liep, in de hoop iemand te kunnen betrappen op het gebruik van de verboden middelen. Blijkbaar liet lang niet iedereen zich door het verbod weerhouden, want er werden dagelijks achttien mensen geëxecuteerd als gevolg van de antitabakswet.

In Rusland zou er een totaal tabaksverbod komen van 1613 tot 1676. Tsaar Michael bestrafte het zelfs met zweepslagen, het afsnijden van de lippen of een enkele reis Siberië. Zijn opvolger, Aleksej voerde er zelfs de doodstraf op in. Pas onder Peter de Grote zou hier een eind aan komen.

Koning James I van Engeland was misschien nog wel de bekendste tabakhater van vroegmodern Europa, hoewel hij het nooit formeel zou verbieden. In een vrij racistisch artikel, genaamd A Counterblaste to Tobacco, beschreef de Koning hoe de indianen hun barbaarse en stinkende gewoonte naar Europa hadden geëxporteerd. Maar James waarschuwde ook al voor de gezondheidsrisico’s van roken, met name voor de longen en overal waar de rook komt. “Een gewoonte zo walgelijk om te zien, weerzinwekkend om te ruiken, schadelijk voor de hersenen, gevaarlijk voor de longen, en in de zwarte rook ervan nog het meest lijkend op de afschuwelijke rook uit de bodemloze put van de Styx.” Hoewel hij het roken nooit verbood, hief koning James wel gigantische importbelastingen op tabak; de belastingen stegen met 4000 % van twee pence naar zes shillings en tien pence. Niet dat dat veel hielp, het belangrijkste resultaat was hetzelfde als wat we nu weer zien ontstaan: smokkel.

In ons eigen land, met nota bene Amsterdam als voornaamste invoerhaven van tabak, verbood de stad Haarlem in 1690 het roken in het openbaar op straffe van een geldboete. De Haarlemmers kwamen echter in opstand (we kunnen nog iets leren van die mensen!), in iets dat later bekend zou komen te staan als de tabaksoproer, waarna het stadsbestuur het roken alsnog gedoogde. Het eerste echte Nederlandse tabaksverbod zou echter al in 1639 ingevoerd worden. In dat jaar besloot de Willem Kieft, gouverneur van Nieuw-Nederland, het roken te verbieden in Nieuw-Amsterdam waarmee Kieft de Burgemeester Bloomberg van zijn tijd werd. Een aantal jaar daarvoor was er al een vergelijkbaar verbod in de Britse kolonie Massachusetts ingevoerd, andere koloniën zouden later volgen.

Twintigste eeuw; prohibition op alcohol en tabak
De Nieuwe Wereld liep dan ook voorop in het tabakspaternalisme. Hoewel er met de liberale Amerikaanse revolutie de rookverboden een halt leek te worden toegeroepen, kwamen deze aan het eind van de negentiende eeuw weer evengoed terug. In 1920, het jaar waarin ook de Drooglegging van start ging, kenden vijftien Amerikaanse staten een totaalverbod op de productie, verkoop en het bezit van sigaretten.

Een belangrijke rol daarin vormde Lucy Page Gaston. Gaston sloot zich aan bij de religieuze beweging tegen alcohol die uiteindelijk de drooglegging voor elkaar zou krijgen, maar ze vond roken, sigaretten in het bijzonder, minstens zo erg. Roken was zondig en schadelijk voor het lichaam; de in 1899 opgerichte Anti-Cigarette League of America moest dat onchristelijke gedrag maar eens gaan terugdringen. Ze riep werkgevers op geen rokers in dienst te nemen, iets waar ze een beperkt succes mee bereikte (zo namen Edison en Ford geen sigarettenrokers meer aan), en ze lobbyde met succes voor een volledig tabaksverbod in een aantal staten. In 1920 hadden dus vijftien staten een volledig sigarettenverbod, iets dat de verkoop van sigaren overigens erg ten goede kwam. Uiteindelijk werden de verboden dan ook weer afgeschaft, als laatste in Kansas, in 1927. Page stond erom bekend rokers publiekelijk uit te schelden en probeerde de levering van sigaretten naar de soldaten aan het westfront van de Eerste Wereldoorlog tegen te houden, iets waar ze niet bepaald populair mee werd. Uiteindelijk zou ze in de jaren ’20 nog een gooi naar het presidentschap doen maar tegen die tijd werd ze al niet heel erg serieus meer genomen.

Ook de Anti-Cigarette League onthield zich niet van campagnes gericht op kinderen

Ook de Anti-Cigarette League onthield zich niet van campagnes gericht op kinderen

De nazi’s en hun antitabaksbeleid
Toen in de oude wereld in diezelfde periode de tabaksverboden van de zestiende en zeventiende eeuw juist waren verdwenen, kwamen ze in Duitsland juist weer terug in de twintigste eeuw. Met de revoluties van 1848 kwam een einde aan de algemene rookverboden in de Duitse steden. Maar toen de nationaal-socialisten in de jaren ’30 de macht grepen werden ze direct weer van stal gehaald.

Nu had de NSDAP er sowieso geen probleem mee om inbreuk te doen in het privéleven van mensen maar tabak had iets bijzonders. In de jaren ’20 vonden Duitse onderzoekers een statistisch verband tussen roken en longkanker. De nazi’s zagen roken als een vorm van ‘genetisch vergif’ en kreeg daardoor de bijzondere aandacht van het Ministerie van Raciale Zaken. Het werd ook gekoppeld aan een lagere vruchtbaarheid: dus minder kindertjes die later in het leger konden dienen. Het was dan ook geen toeval dat Karl Astel, een topambtenaar van Raciale Zaken, de directeur werd van het nieuw-opgerichte Wissenschaftliches Institut zur Erforschung der Tabaksgefahren, het onderzoeksinstituut naar gezondheidsrisico’s van tabak.

Karl Astel heeft wel een aantal overeenkomsten met Lucy Gaston. Naast zijn verbodslust had de SS-officier de gewoonte om bij rokers de sigaret uit de mond te trekken. Maar in tegenstelling tot Gaston was Astel, als fel antisemiet, erg bezig met rassengezondheid. Al in 1930 werd hij lid van de NSDAP en maakte hij na de machtsgreep van Hitler een bliksemcarrière in de SS en de ambtenarij. Gezondheid en de rassenleer waren bij de nazi’s nauw met elkaar verbonden. Zo was Astel ook het hoofd van het Erbgesundheitsgericht, het gerechtshof dat bepaalde of iemand (bijvoorbeeld een gehandicapte) gesteriliseerd moest worden op basis van rassenvervuiling.

De strijd tegen tabak paste dus naadloos in de nazi-doctrine. Je lichaam behoorde toe aan de staat, dus je moest het goed verzorgen zodat je de staat optimaal kon dienen. Als je je lichaam zou vervuilen met tabak, vervuilde je daarmee ook de natie en het ras. Adolf Hitler, zelf ex-roker (zoals voor de meeste anti-tabaksactivisten geldt), zette het eerste grootschalige overheidsprogramma op, dat mensen ervan moest weerhouden te gaan roken. Het paste binnen het streven naar de gezonde, sterke soldaat en de gezonde, zich voortplantende moeder. Het genot was ondergeschikt aan het dienen van de staat en zoals eerder koning James van Engeland de opkomst van tabak weet aan de Amerikaanse Indianen, zo verweten de Nazi’s het de Joden, negers en het kapitalisme.

Zo werd bijvoorbeeld een ontmoedigingsbeleid uitgerold waarvan een heel aantal elementen later zouden terugkeren in het Westerse antitabaksbeleid. Roken werd verboden in universiteiten, overheidsgebouwen en de NSDAP-partijkantoren. De belastingen op tabak stegen tot meer dan 80 % van de prijs (klinkt dat niet bekend?). Maar het belangrijkste onderdeel van de campagne was de propaganda.
Ook censuur paste daarin. Bij het tekenen van het Molotov-Von Ribbentroppact in 1939, waarin Polen werd verdeeld tussen de Sovjet-Unie en Nazi-Duitsland, rookte Stalin een sigaret. Op de foto’s van die gebeurtenis in de Duitse kranten was daarvan echter niets te zien. Hitler had de opdracht gegeven om de foto te retoucheren zodat de sigaret niet meer zichtbaar was. De censuur betekende ook dat tabaksadvertenties volledig verboden waren, net als posters waarop roken als “stoer” werd getoond.

Het ontmoedigingsbeleid was uiteindelijk vooral gericht op vrouwen. Die moesten immers voor gezond en Germaans nageslacht zorgen. “Die deutsche Frau raucht nicht!” was het devies. Naast de propaganda werd ook de verkoop beperkt om het aantal rokende vrouwen te verminderen. Na 1942 mochten restaurants en cafés geen sigaretten meer verkopen aan vrouwen. Opvallend is dan wel weer dat Getrud Scholtz-Klink, hoofd van de Nationalsozialistische Frauenschaft, de vrouwenbeweging binnen de NSDAP, zelf wél rookte. In tegenstelling tot wat de NSDAP-top beweerde overigens. Bij een bezoek aan Nederland in 1939 betrapte een Telegraaf-journalist haar met een sigaret. Onder de kop ‘De ideale vrouw rookt toch’ schreef hij ‘Zij moge dan volgens de Engelsche dagbladen een zoodanig “ideale” vrouw zijn, dat zij rookt, noch drinkt, maar op Schiphol kwam toch een doosje sigaretten uit haar taschje. Zij stak er een op waarvan zij den rook met kennelijk welbehagen inhaleerde. Zoo vrouwelijk is Frau Scholtz dan toch niet, of zij weet het – naar het oordeel van velen – onvrouwelijke genoegen van een sigaret te waardeeren wat overigens wel niemand haar kwalijk nemen zal…”

Overigens hadden de nazistische maatregelen, zoals tabaksverboden in openbare ruimten en de grootschalige anti-rookpropaganda, weinig effect. Met uitzondering van een dipje aan het einde van de oorlog, toen überhaupt aan alles een tekort was, steeg het aantal rokers in Duitsland alleen maar. Sterker nog, in de periode 1932-1939 steeg het tabaksgebruik in Duitsland een stuk harder dan in Frankrijk waar dergelijke maatregelen niet golden. Kort na de Tweede Wereldoorlog steeg het aantal rokers dan ook weer hard door, ruim tien jaar sterk repressief beleid ten spijt.

Het nazi-beleid was het eerste antitabaksbeleid dat gevoerd werd met gezondheid als belangrijkste argument. Daarvoor werd roken vooral bestreden omdat het zondig zou zijn. Roken stond zo in een traditie waar ook alcohol en gokken toe behoorden. Het lijkt alsof die geschiedenis weinig te maken heeft met de verbodscultuur van nu, waarbinnen in bijna elk land wel anti-tabaksmaatregelen te vinden zijn. De kern is echter hetzelfde; de elite die het beter denkt te weten dan het volk, de machthebbers die papaatje en mamaatje willen spelen.

Collectief boven het individu
Roken wordt niet alleen verboden omdat het slecht voor de gezondheid is, maar omdat in de ogen van de bestuurlijke elite nog altijd zondig is, zij het dan als een seculiere vorm van zondigheid. In de ogen van de bestuurlijke elite is het zondig als mensen genieten en plezier hebben in het leven, als mensen het individuele genot belangrijker vinden dan een vermeend belang van de samenleving. Die gedachte staat dan ook aan de basis van al het paternalistisch beleid dat in Nederland gevoerd wordt en dat is niet alleen met betrekking tot tabakswaren. Het is dan ook die gedachte die bestreden moet worden, voordat effectief een eind kan komen aan alle rookverboden.

Zoals Lucy Page Gaston zich na het geslaagde alcoholverbod ging richtten op een verbod op sigaretten, zo zullen ook de antirookclubjes van nu zich na een algemeen rookverbod richtten op de volgende kwaal. De eerste tekenen daarvan doen zich al voor; organisaties die pleitten voor restricties van alcohol, suiker, vet en zout, hebben vaak banden met de antitabaksorganisaties. Als je niet rookt, betekent dat niet dat je niets te vrezen hebt.

 


 

Verder lezen:
Theodore J. King, The War on Smokers and the Rise of the Nanny State
Friso Schotanus, De beste sigaret voor uw gezondheid
Allan Brandt, The Cigarette Century: The Rise, Fall, and Deadly Persistence of the Product That Defined America

Facebooktwitter

1 Comment on "Gezondheidsfreaks en puriteinen: een geschiedenis van tabaksrestricties"

  1. Otto von Braackenssieck | 7 december 2015 at 12:58 | Beantwoorden

    Compliment. Een goed artikel!

Leave a comment

Your email address will not be published.


*


Door de site te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of als u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten